De allerlaatste getuigen

Een podcast gecreëerd door Het Laatste Nieuws met de steun van het Bastogne War Museum.

Vrijdag

23 februari

9u30 tot 18u
1/3

Zaterdag

24 februari

9u30 tot 18u
-1/-1

Zondag

25 februari

9u30 tot 18u
2/2

Maandag

26 februari

9u30 tot 18u
5/5

Dinsdag

27 februari

9u30 tot 18u
2/2

Woensdag

28 februari

9u30 tot 18u
4/4

80 jaar geleden woedde de laatste oorlog in onze gewesten. Een oorlog die Europa verscheurde, hertekende, en waarvan we de gruwel tot vandaag proberen te bevatten. De Tweede Wereldoorlog.

Met de laatste generatie die ‘m zelf heeft meegemaakt doven straks ook de laatste rechtstreekse herinneringen eraan uit. In deze podcastreeks praten we een allerlaatste keer, met die allerlaatste getuigen.

Opdat hun verhalen nooit verloren gaan.

EPISODE 1

Frans Goetghebeur (96): "We hebben honger geleden dat eerste jaar, écht honger"

10 mei 1940. Duitsland valt België binnen.

Frans Goetghebeur is op dat moment dertien jaar en groeit op in Oostende. Als zoon van Vlaams volksvertegenwoordiger Karel Goetghebeur moet hij, samen met het voltallige gezin, mee met de regering naar Londen die in ballingschap gaat waar zijn vader zal werken.

Via Frankrijk proberen ze Londen te bereiken maar oorlog is onvoorspelbaar: halen ze het tot in Londen of niet?

 

 

 


 

EPISODE 2

Simon Gronowski (91): "De nazi's hebben mijn moeder en m'n zuster vermoord in de gaskamers van Auschwitz-Birkenau'

Een ochtend in 1943. De nachtelijke stilte in de straten van Brussel wordt bruuskdoorbroken door alweer een razzia van de Duitsers.

Op lederwarenwinkel Chez Sally, in Etterbeek, hangt een bordje: Joodse Onderneming, en is op Duits bevel gesloten. Het gezin Gronowksi, van wie de winkel is, zit dan al ondergedoken in Sint-Lambrechts-Woluwe.

De elfjarige Simon Gronowski (91) is zich van geen kwaad bewust, die ochtend, aan het ontbijt.

 

 

 


 

EPISODE  3

Regine Sluszny (83): "Wie kan zo slecht zijn om mensen te verraden?"

Op de radio zingt Judy Garland ‘Somewhere over the Rainbow”. Over een jong meisje dat wil ontsnappen aan de zorgen en dat de wolken achter zich wil laten. Aan de andere kant van de regenboog.

Was het een voorteken? Want op die 25ste september wordt in Antwerpen een baby geboren. Een klein meisje: Regine Sluszny. Joods is ze, een van de zowat 70.000 joden die in 1939 in België wonen.  Vijf jaar later zal daar maar de helft meer van overblijven. Bijna 25.000 zullen de nazi’s er op transport zetten, vanuit de Dossinkazerne in Mechelen, naar de poorten van de waanzin. 

De rest? Ontsnapt, door onder te duiken. België weet 5.330 joodse kinderen uit de gaskamers te houden, door hen te verstoppen.  Regine is er één van. Sinds kort mag ze zich barones noemen.  Als eerste joodse vrouw ooit. Een beloning voor haar onafgebroken inzet om de herinnering aan de Jodenvervolging levend te houden. Wat nog het meest verbaast, wanneer ze thuis haar verhaal vertelt: de grote dankbaarheid die ze nog altijd koestert voor het leven. Trots en vol vuur praat ze, nadat ze jaren stil is gebleven. Uit schuldgevoel, voor  wie het niet heeft overleefd.

 

 

 


 

EPISODE  4

Wilfried De Metsenaere (93): "Ik kon zo goed die schutter in de neuskoepel zien, dat ik hem nog jaren erna kon tekenen"

De vader van Wilfried De Metsenaere was in mei 1940 telegrafist voor de Belgische overheid.  De Belgische regering sloeg in mei meteen op de vlucht om in ballingschap te kunnen voortwerken, vanuit Londen.

Telegrafisten zouden van levensbelang zijn voor alle communicatie, en dus moesten ze mee, ook vader De Metsenaere.  Het gezin met 6 kinderen moet dus de oversteek naar Engeland maken.

Onderweg worden ze geconfronteerd met bombardementen en kruipen ze door het oog van de naald. 

 

 

 


 

EPISODE  5

François Igosse (93): "Ik zit al lang met met dat gevoel dat ik dat toch een keer kwijt wil en ik kan het niet kwijt. Tegen niemand"

Oktober 1929. In New York stort de beurs op Wall Street in.

De crisis, met haar kiemen in de Eerste Wereldoorlog, jaagt de wereld in ellende en armoede. Amerikaanse banken eisen het geld terug dat ze aan Europa hebben geleend na de Wapenstilstand. Het doet  het Duitsland van die jaren wegzakken in een uitzichtloze crisis met een tsunami van ontslagen en faillissement. Het is tegen die achtergrond dat Adolf Hitler met zijn extreme discours een almaar groter deel van de mensen verleidt.

Zelfs tot in Vlaanderen. François Igosse groeit op rond Gent, tijdens die woelige jaren ‘30.  De oorlog begint voor hem pas na de bevrijding want de moeder en zus van François zijn Vlaams-Nationalistisch en voelen het met de repressie warm onder de voeten worden. 

 

 

 


 

EPISODE 6

Godelieve Van Impe (91): "toen haar man op verlof kwam, stond er plots een Gestapo voor onze deur"

In het landelijk Welle, bij Denderleeuw, wonen in mei 1940 de dan 9-jarige Godelieve Van Impe, samen met haar ouders, tante en haar kleine broer.  Het gezin van Impe staat erom bekend iedereen te willen helpen. Als ze bij het uitbreken van de oorlog een gezin onderdak willen bieden, weten ze op dat moment nog niet dat ze ook een SS-soldaat in huis halen. Iets waar Godelieve nog altijd van beeft als ze eraan terug denkt.

 

 

 


 

EPISODE 7

Martin Aguirre Y Otegui (97): "Eigenlijk heb ik niemand gered, ik heb alleen geholpen"

Voor de Tweede Wereldoorlog, in de jaren ‘30, woedt in Spanje al een bitse strijd tussen linkse Republikeinen en rechtse nationalisten. Op 17 juli 1936 wint links de verkiezingen, en de rechtse generaal Franco besluit met geweld de macht grijpen. Het is het begin van een bloedige burgeroorlog die honderdduizenden levens zal eisen.

Martin Aguirre maakt het als jonge tiener allemaal van dichtbij mee. Heel Spanje gaat gebukt onder de terreur, maar het Baskenland, een autonome regio in het noorden, misschien nog wel het meest. Franco krijgt er steun van de Italiaanse fascisten, én nazi-Duitsland, om de Basken te bestoken en uit te roken. Na het geweld op straat, maakt Martin nu kennis met de constante dreiging uit de lucht. De regering beslist daarom om Baskische kinderen te evacueren.

Martin en zijn twee broers komen zo naar België waar ze amper twee jaar later terechtkomen in alweer een oorlog: de Tweede Wereldoorlog. Martin komt terecht in een katholiek tehuis voor jongens. Daar leert hij na een paar jaar priester Ceupens kennen, die in een verzetsnetwerk zit. Tussen 1942 en 1945 weet het netwerk honderden Joodse kinderen uit de klauwen van de nazi’s te redden.

Dat Martin daarbij een belangrijke rol zou spelen, had hij nooit kunnen denken.